Ik zat zondag te gillen voor de tv, toen ik op bezoek was bij mijn ouders. Op Nederland 1 was een uitzending te zien over iemand die in de zee ging zwemmen tussen walvissen. De boot kreeg zelfs een forse stoot van het lijf van de walvis. De duiker hing onder de boot en de walvis naderde hem op slechts enige meters. Toen sperde hij de bek open. Allemaal tanden! Ik gillen! Dit had ik nog nooit gezien. Ik ben geen dierenfreak, maar ik dacht toch wel genoeg te weten van walvissen. De walvissen met de tanden waren toch de orca's? Dit was echt helemaal nieuw voor me. Ik had natuurlijk argwaan moeten krijgen bij de vermelding van de naam van de walvis: basilosaurus.
Het bleek een soort trucageprogramma te zijn. In een serie van drie uitzendingen laten de makers prehistorische dieren zien, zeedieren in dit geval. Het is zo knap gedaan dat het net echt is. Maar het is allemaal nep. 36 miljoen jaar geleden, toen basilosauros leefde, bestonden er namelijk geen mensen, laat staan duikpakken en motorboten.
Zondag is de laatste aflevering. Zien! En er niet intrappen.
In deze zelfde lijn: een vriend van me kocht via het net een tand van een dinosaurus. Ik weet de naam even niet. Komt nog wel. Een tand van elf centimeter. En dat was veel bijzonderderder dan een tand van bijvoorbeeld acht centimeter. Het kan ook zijn dat het een fossiel was van een tand van elf centimeter. Maar dan wel een heel mooi fossiel. Deze vriend is een heel-oude-dingen-freak. Is het je (beste lezer) wel eens opgevallen dat dat altijd mannen (jongens) zijn die gaan voor het echt oude, voor archeologie, voor dooie dingen. Iedereen heeft wel een klasgenoot gehad op de lagere of middelbare school die alles wist van prehistorische monsters, of inca's, of pijpekoppen. Wedden dat het altijd jongens waren? Typisch vind ik dat.
In ieder geval, die vriend is nu blut en kan nu niet zijn kinderen voeden.
Aan de andere kant, dan zijn die kinderen straks dooie dingen en heeft die vriend toch z'n zin.
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment