Ik was door omstandigheden bij mijn ouders blijven slapen vannacht en kon terugrijden naar Utrecht door mijn zus, die met haar auto de weg van Ouderkerk naar haar werk in Utrecht bij het Merwedekanaal wilde verkennen. Na de hele componisten- en toneelschrijversbuurt van dichtbij gezien te hebben, kwamen we een uur later daadwerkelijk aan. Daar kon ik haar kantoor aanschouwen en toen zeiden we gedag, want ik wilde op tijd thuis zijn en dacht dat eerder lopend te zijn dan rijdend met mijn zus achter het stuur.
De kortste weg naar huis was door de jaarbeurs heen te lopen die aan de overkant van het Merwedekanaal lag. In alle hoeken en gaten van de jaarbeurs ontwaarde ik vrouwen en mannen op hun zondagst gekleed. De mannen in pak, consequent met stropdas, de vrouwen in rokkostuum. Er bleek een congres te zijn van Jehova's getuigen. Ik was omringd door duizenden en duizenden getuigen en niemand, ¡niemand!, probeerde mij te bekeren. Terwijl ik toch duidelijk geen getuige was, getuige de broek die ik droeg. Het was het paradijs op aarde. Leeuwen speelden met lammeren en lammeren met leeuwen. Geweren werden omgesmeed tot ploegscharen. Kinderen huppelden bijbelliedjes zingend tussen de wuivende rokken der vrouwen door. Ik zag meer interactie tussen blank en zwart dan in het Nederlands honkbalteam. Zwarten zoenden met blanken en blanken met zwarten. Nee, dat laatste is niet waar. Het contact tussen zwart en blank was echt opvallend en het aantal stelletjes dat hand in hand liep ook, maar gemengde stelletjes heb ik niet kunnen spotten.
Ik heb welgeteld één gesprek kunnen volgen, namelijk toen ik twee mannen passeerde, en dat ging over geld. Dat je voor een euro nu net zo veel kunt krijgen als voor een gulden vijf jaar geleden. Welk een religieus gesprek!
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment